Abel en zijn werk

 Waarom schilder ik wat ik schilder....             8/5/2020     

 

Iemand vroeg me onlangs hoe ik tot een groot on-alledaags werk was gekomen.

Ik antwoordde dat ik het nog wel eens zou opschrijven...

Met onregelmatige tussenpozen schrijf ik op waar ik mee bezig ben. Wat wil ik nu eigenlijk maken. Wat wou ik nog maar schilderen. Wat boeit me. Er zijn een paar rode draden in mijn werken. 

In mijn jeugd was ik geboeid door bepaalde onderwerpen: werken met licht en donker en iets met een eenzame figuur in het landschap kwamen vaak terug. En ik was bezig met het zoeken naar het ‘mooie’. Het harmonische. Ik wou dat verzamelen, het mooie. Ik wou het in huis hebben. Ik vond dat mooie lange tijd in het Groninger landschap. De eerste rode draad.

 

Ik weet nog dat ik toen een keer opschreef: Eigenlijk kun je alles nemen, overal zit een onderwerp in. Alles is mogelijk te gebruiken voor een werk. Alles heeft vorm en kleur. Je kunt altijd een uitsnede kiezen uit de werkelijkheid. Toen was dat nog voornamelijk een tekening, schetsje, soms een heel uitgewerkte pentekening. Veelal onderwerpen uit de nabije omgeving, binnen of buiten.

Na de academietijd -ik spring even 35 jaar verder - ging ik voort met waar ik meestal mee bezig was geweest: veel landschappen, soms fijne stillevens, altijd met aandacht voor sfeer en diepte, plastiek. 

De ideeën bleven komen. Grote stillevens, met uitvergrote voorwerpen, vaak met glaswerk, soms met humor, in de serie ‘beestjes in potjes’, ook een eindeloos onderwerp. En soms schreef ik het weer eens op: wat doe ik het liefst? Je kunt elk onderwerp nemen... Ik was in elk geval geen schilder van een leven één onderwerp... 

Naast de ruimtelijkheid en de sfeer – vaak met bewust warm en koel naast elkaar- ontstond de behoefte aan iets groots. Grote gebaren, grote vormen, onderwerpen groter dan ik zelf. Afmetingen tot 2 meter... Grote tuinen, grote fantasie-landschappen, heel groot glaswerk, zoals in de ‘bokaal van Copier’, tot aan een geplande serie over ‘de mens’. Dat zal ik uitleggen. 

Wat kun je nog doen als mens in deze wereld. Waar komt het op neer, het leven. Wat is belangrijk om het leven zinvol te maken. Mijn idee was dat we op aarde zijn om er ‘iets van te maken met elkaar’. Meer is niet mogelijk. En ik ontwierp drie tuin-schilderijen. Grote werken, van 170x51 cm, die bevolkt werden door veel figuren, die begrippen uitbeeldden. Begrippen over menselijke relaties, zoals in vroeger eeuwen werd gedaan; trouw, liefde, begrip, nabuurschap, dromen, werken, samen werken aan de betere wereld. En samen genieten van wat de mens al had bedacht en gemaakt. Een bijna eindeloze reeks onderwerpen...

En dat alles uitgebeeld in sfeervolle stijltuinen met fraaie architectuur als achtergrond. Een serie die jaren zou kosten om uit te denken, te detailleren en te schilderen. 

Maar wel de tweede rode draad: een hang naar ingewikkeld: veel onderwerpen samen, architectuur, sierlijkheid, en mensen in mooie kledij, barok in feite, beweging dus in het beeld. Een veelheid zoals ik al had verwerkt in de wandschildering in de voorkamer (1996-2000).

 

En zo kom ik op de derde rode draad: steeds weer wat nieuws in het hoofd. Ik zou nooit zo lang aan dit project kunnen werken. Ik relativeer gelijk. Wat stelt dit nu voor... Wat betekent het dat ìk dit maak. Er is al zoveel gemaakt in de kunst. Ik kan het eenvoudiger opschrijven. Ha... Ik was al snel weer met nieuwe onderwerpen bezig. Schiermonnikoog. Een mooie beperking van mijn warrig zoeken naar ‘mooi’... Ik vond er ondanks de beperking eindeloos veel onderwerpen en verkocht in twee en half jaar tijd 29 werken van dit ‘onderwerp’. En dat zal nog wel even verder gaan.

Alles is daar. Grootse vormen in de natuur, verte op het strand, bezige mensen, details in de wildernis, fijne architectuur in achterstraatjes. En sfeer, in elk seizoen.

Altijd moois te vinden.

De grootse tuinen raakten op de achtergrond, al bleven de schetsen hangen en stonden de 3 panelen rechtop op mijn werktafel, leunend tegen de stapelkast met de tweeduizend tekeningen van vòòr de academietijd ...

 

Onze achterburen gingen een wereldreis maken. Vanaf oktober 2019. Ik bracht hun naar de trein. En ik volgde hun op Polarsteps. 

Prachtig vond ik het. Ik volgde hun toch wel dagelijks.

Ik haalde foto’s van hun reis-app en bewaarde die in een map op onze computer. Ik selecteerde op: hee, daar kan ik vast wel iets mee. Vorm, sfeer, kleuren en hoe werk ik dit uit. Ik koos en bewaarde foto’s intuïtief. 

Het ging mooi. De reis was geweldig en ik bewaarde best vaak een foto...

Ik had immers al bedacht dat je ‘alles kon maken’. Elke basis, in een ‘gekozen foto’ had immers een aanleiding om iets mee te doen. 

Toen de buren terug waren, op 17 maart 2020 nota bene, net voor de lock-down, had ik zo’n 700 foto’s bewaard. 

Ik dacht: ik mag echt wel 200 jaar worden....

Nu had ik al een fotoboek geleend van hun reis naar Groenland, in 2011 gemaakt. Buurvrouw vond dit misschien wel de mooiste van hun korte reizen...

Er stond een supermooie foto in van een gezicht op een gletsjer. De kijker zit hoog op een oever van een fjord, en aan de overzijde van het water komt een gletsjer op je af schuiven, onzichtbaar langzaam, maar toch. Je weet dat het schuift. En soms valt er een stuk af. Met geraas en geplons. En het mooie is ook nog een keer, dat de zon prachtig van rechts op de grote witte en blauwige massa schijnt. De foto is echt een directe inspiratie. 

Ik zag de lege tuin-panelen op mijn werktafel.

En ik nam de beslissing dat het niet direct meer wat zou worden, de tuinen.

Die mega-uitgebreide tuinen te gaan uitwerken en schilderen.

En de 700 foto’s konden wel even wachten...

Ik nam één van de drie panelen en ik begon met de gletsjer.

Het ging super. De grote bewegelijke vormen, de verte, het gevoel van de plek, de sfeer, de zon er op, de warme en koele kleuren van het ijs, de kleine mens-figuurtjes. De voorstelling had alles in zich om een ‘mooi’ werk te worden.

Ik elke fase was ik verrukt. Het ging heel mooi groeien. En het werd heel aansprekend. Gelukkig. Een fijn gevoel, dat je iets kunt maken en beheersen.

Ik zette het -nog onaf- op FB, en er was gelijk een serieuze belangstellende. 

Nu moet ik het nog even afmaken.

Wat is af.

De hamvraag op de academie. Ha...

Wanneer ik ophou, is het af...

 

 

 

Korte CV:

* 1955

HTS Bouwkunde 1977

bouwkundig tekenaar tot 2009

fotograaf 1990-2000

organist vanaf 1973

beroepsmatig schilder vanaf 2010.

 

contact:

Abel Groenewold

Van Royenlaan 39

9721 EL Groningen

06 107 15 098

abelgroenewold@hetnet.nl